De zuid kust

Na een heerlijke surfweek in Arugam bay was het weer tijd om verder te trekken. Even twijfels; richting de zuidkust of toch naar het noorden? Volgens de lonely planet is de zuidkust paradise on earth. Dus kiezen we voor het zuiden. Na een 7 uur (250km!) durende rit in de bus kwamen we eindelijk aan in ons paradijsje. Tijdens het zoeken naar accomodatie komen we stapels hout, stenen en naar ons idee restanten van gebouwen tegen. Tropische storm langs gewaaid? Verder zien we iets wat lijkt op een strekdam in het water waarvan ons de functie totaal onduidelijk is. Vervloekte Lonely planet; het heeft hier weinig weg van een paradijsje.

We besluiten maar een dag te blijven. We zijn moe, vies en willen ons tromboserisico die dag niet nog verder verhogen in een of andere roestbak.

In de avond als we even op het strand zitten vertelt de vriendelijke eigenaaresse van het hotel haar verhaal over de tsunami in 2004.
En net op het moment dat zij haar verhaal vertelt komt er een fransman voorbij lopen, die dreigt te ontploffen. Scheldend en tierend loopt hij voorbij en schreeuwt naar de gastvrouw dat ze ons het echte verhaal over al het puin op het strand moet vertellen. We gebaren hem om er even bij te komen zitten en hij lijkt gelukkig wat af te koelen. De fransman vertelt over de illigaal gebouwde gebouwtjes sloopcampagne van de regering. De afgelopen dagen zijn veel hutjes en terrasjes omgemaaid. Het resultaat is ons wel duidelijk.

Verder vertelt hij over het mislukte project voor een ‘artificial pool’ van de zoon van de president. Aha daar zijn die blokken dus voor.
De mening van de eigenaar van het restaurant iets verder op is een stuk genuancheerder . “Ach de regering haalt het eens in de paar jaar neer, maar dan bouwen we het gewoon opnieuw,  zo gaat dat hier”

Wij besluiten in iedergeval de volgende dag maar weer een bus te pakken richting mirissa. Maar ook hier zijn grote delen van de kust volgebouwd met kleine hotelletjes en restaurantjes. Het is hier een sport om hier zo dicht mogelijk bij het water te bouwen. Het water komt tijdens vloed letterlijk tot in de restaurantjes waardoor er soms maar weinig tot geen strand over blijft. Dit schijnt echter nog erger te kunnen langs sommige delen van de kust.

Mirissa is op dit moment heerlijk rustig, weinig toeristen dus veel onderhandelingsruimte voor mooie hotelkamers. We genieten nu elke ochtend van een ontbijt met seaview.

Ondanks een ruige zee besluiten we ook maar een gok te wagen op een “walvis safari” Met nog zo’n 12 andere stappen we op een boot. Binnen een half uur hangen er 12 van de 14 overboord (nee niet voor de walvissen) Alleen ik en Thomas staan, ons goed vasthoudend, op het  voordek te genieten van de hoge golven en walvissen!! ( wat mij betreft is de primatour (reistabletje) nobelprijs waardig 🙂 Wat een cadeautje om walvissen van (relatief) dichtbij te mogen bewonderen.
Na een klein uurtje komt de eigenaar van de boot ons vertellen dat we weer terug gaan naar het vaste land. He! Dit was not the deal. De boottocht was best prijzig dus hier gingen we niet mee akkoord. Na een half uur herrie schoppen en een bezoekje aan de manager krijgen we een boottocht voor de volgende dag “aangeboden” We zeiden weer tegen elkaar we betalen nooit meer voorraf. Dit hebben we gedurende de weken dat we hier zijn al vaker tegen elkaar gezegd..

De laatste dagen van ons verblijf in Sri Lanka zullen we spenderen in Colombo en omgeving. Daarna vliegen we door naar Kuala Lumpur

Oranje groetjes vanuit Mirissa

Thomas en Anita